Uit het Sarphatiparkblog

Eerst hebben we een flinke sterappelboom in het bij-en-vlinderplantsoen geplaatst. Daarna zijn we naar het bospaadje gegaan.

In een park houden hoge bomen plotseling op, en dan begint het grasveld. Dat grasveld is in dit geval trouwens plat gelopen. In de natuur is er een natuurlijke overgang van hoge bomen naar lage bomen, dan hoge struiken, lage struiken en vervolgens bloem en kruidlagen. 

Waar bos en veld, twee verschillende ecologiën, elkaar ontmoeten is het meest biodivers.
In het jaar van de biodiversiteit zijn wij begonnen met het vergroten van die rand door de aanplant van bosbessen, appelbessen, wilde appels en peren, wilde kersen en pruimen, sleedoorn, rode en zwarte bessen en kruisbessen. In mei gaan wedaarnaast nog een laag met kruiden en wilde bloemen inzaaien.

Dit jaar zullen ze waarschijnlijk nog geen vrucht dragen maar volgend jaar komt er allerlei heerlijks aan. In de boskern, waar het donker is hebben we grondbedekkers zoals daslook, varens en vossebessen ingeplant.  Ook zijn er onder de grote bomen een aantal hazelaars van verschillende groottes ingezet. Tegen de takkenwallen aan bramen en frambozen, en meer richting rand bosbessen. 

Ten slotte hebben we in het plantsoen bij de rietfilter een mispel en een moerbei geplaatst.